Gigabyte RTX 2080 Gaming OC review

Nvidia “Turing” Experience deel 3 – Gigabyte GeForce RTX 2080 Gaming OC


In deze review gaan we het hebben over de Gigabyte GeForce RTX 2080 Gaming OC. Voor meer informatie, diepere bespreking van relatieve RTX prestaties en algemene gedachtes over de RTX producten en Turing chips verwijzen we je naar onze andere hoofstukken over dit onderwerp. Hier gaan we uit van een basale kennis over de chips en bijbehorende featuresets en richten we ons vooral op mensen die serieuze interesse hebben in deze kaarten, of gewoon benieuwd zijn of Gigabyte een beetje leuke kaart heeft weten te maken.

Prijzen? Met de eerste pre-order prijzen in het zicht kijken we tegen een forse 929 euro aan, al is dat nog altijd aan de goedkope kant van gemiddeld wat RTX prijzen betreft. In eerste instantie is het aan deze Gigabyte om ons te overtuigen dat de ca 120 euro minder-prijs ten opzichte van de ROG pre-order prijs niet te veel prestaties of efficiëntie kost.

Uitpakken


Doosje, beetje typisch verhaal. Alhoewel… ik wil toch even stilstaan bij wat in mijn optiek wel een beetje verdacht bekend oogje lijkt. Enfin.


En daar is de volgende RTX kaart. Gigabyte lijkt de kleur-details voorlopig achter zich te laten en richt zich eveneens op de modernere zwart-grijs combi, iets wat we ze lastig kwalijk kunnen nemen. Dit combineert namelijk een stuk lekkerder met het gros van de moederborden op de markt. Verder zien we de bekende triple fan layout, met de middelste fan tegen de draad in gepositioneerd. Volgens Gigabyte is dat beter voor de prestaties, maar dan zien we wel bij de resultaten.




De Gaming OC wordt als tijdelijk topmodel gepositioneerd. Boven de Windforce, maar onder de nog aanstaande Aorus modellen. Hierdoor zien we geen extreem dikke RGB actie, maar wel een beetje RGB in de merknaam zelf. Met zo’n 29 centimeter is het nog altijd een forse kaart, maar dankzij de beperkte hoogte en dikte, net iets meer dan twee sloten, doet Gigabyte het goed wat compatibiliteit betreft zonder weer te klein te zijn voor die ‘dikke’ look in een ATX tower.

Voor deze kaart heb je een 8- en een 6-pin nodig. Zelf vind ik gezien de meeste voedingen 2x 6+2 bieden een dubbele 8-pin fijner voor kabelmanagement, maar veel maakt het ook niet uit.




We treffen uiteraad een backplate aan, ééntje zonder fratsen. Zonder fratsen is eigenlijk de beste beschrijving van de kaart zelf, want het is redelijk recht-toe-recht aan allemaal zonder gekke features die je, laten we eerlijk zijn, zelden nodig hebt.



Wat aansluitingen betreft: Drie maal DisplayPort 1.4a, eenmaal HDMI 2.0b, en een USB Type-C connector voor (toekomstige?) VR headsets die zowel hun data als hun stroom over één kabel kunnen laten gaan.


Features en specs


Het verhaal van Gigabyte, aangevuld zodra hun meer informatie zoals de productpagina’s bekend zijn:







Test setup


Onze GPU test opstelling voor 2018 bestaat uit:
– Cooler Master Test Bench (Open)
– Asus ROG Z370-F Strix Gaming moederbord
– Intel Core i7-8700K @ 4,5 GHz
– 32 GB Corsair Vengeance LPX 3000 MHz
– Seasonic Prime Titanium 850W PSU
– Samsung 960 PRO 1TB SSD
– Samsung T5 External SSD 2TB
– Windows 10 Pro x64

Zoals in het andere hoofdstuk genoemd hebben we de laatste weken alle GPU’s die je in de lijstjes ziet staan hertest, oftewel alles van de GTX 1050 Ti tot en met de RTX units, en van de RX 570 tot en met Vega 64. Er is namelijk zo veel gebeurd (Spectre, Meltdown, algemene Windows 10 updates en driver updates) dat hergebruik van oudere resultaten van twee jaar terug simpelweg niet acceptabel is.


3D Mark



3D Mark benchmarks zijn toch de onbetwiste vaste hap wat benchmarks betreft. Fire Strike is een oude bekende DX11 benchmark, Extreme en Ultra zijn respectievelijk 1440p en 4K varianten van het 1080p origineel, en Time Spy is de nieuwe DX12 1440p benchmark. Lang verhaal kort: nog altijd een sterke graadmeter wat onderlinge krachtverschillen betreft.





Assassin’s Creed Origins



Assassin’s Creed Origins is door Ubisoft uitgebracht in Oktober 2017 en is de zoveelste game in de Assassin’s Creed series (who is keeping count). Na de nodige stukjes herhaling in eerdere games in de serie is Origins een opvallende positieve uitschieter in ons boekje: uiteraard genoeg bekende elementen, maar het gevechtsysteem is goed onder handen genomen, en de game draait ook uitermate soepel en je klimt vlotter dan voorheen overal naar boven. De game speelt zich af in een grote open spelwereld en kent de nodige snelle scenes en gevechten, een gemiddelde van 55-60 FPS vertaalt zich in een soepele spelervaring, waarbij enkel de meest fps gevoelige gamer in grote gevechten meer zal willen. Niet de game van het jaar, maar wel één die echt de moeite is om te spelen.




Tom Clancy’s Ghost Recon Wildlands



Ook Wildlands (2015) is een grote open wereld game, maar dan met minder klimmen en klauteren, en meer rondrennen met moderne wapens. Of eigenlijk rondsluipen, want hoewel we de nodige drukke gevechten meemaken is het een Tom Clancy game en is de primaire focus eigenlijk om ongemerkt je missies uit te voeren. Als FPS game is een gemiddelde score richting de 60 ook gewoon gewenst, wat in de praktijk ook redelijk stabiel blijft. Wel is het een extreem zware game an sich, zeker vergeleken met de minder-open-world broeder van Ubisoft The Division, en het is ook de enige game in de huidige line-up waarin de RTX 2080 Ti op 4K Ultra de 60 FPS niet haalt.




Tom Clancy’s The Division



Vergeleken met Wildlands is de wereld van the Division (2015) weliswaar wat kleiner, het voornaamste verschil is dat je door een verlaten, door een apocalypse verwoeste stad slentert. Het is een echte looter shooter, waarbij je soms wellicht wat te veel tijd bezig bent met je inventory en je wapens wisselen of verpatsen (iets wat Wildlands een stuk soepeler wist te verwerken), maar onder de streep een heerlijke co-op game die je een keer gespeeld zou moeten hebben. Wederom een shooter, dus een gemiddelde richting de 60 FPS is nog wel gewenst, maar de game draait een stuk soepeler dan de grote-wereld Wildlands.




Total War: Warhammer



Total War in het Warhammer universum, dat kon bijna niet mis, en dat ging ook niet mis. Een genot voor strategy liefhebbers, zowel op meta niveau als zij die graag hands-on gaan met gigantische legers. De sfeer is goed, de uitdaging is goed, zo ook die voor je systeem, al gaat dat met 2017-hardware redelijk eenvoudig. Als strategy game heb je niet direct een hoog gemiddelde framerate nodig, maar gezien de druk op je computer flink toe kan nemen met hele grote battles kan het geen kwaad om je alsnog op de 60 fps te richten als uitgangspunt. Gelukkig lukt dat zelfs met een mid-range kaart tegenwoordig, ook op 1440p, al heb je voor 4K wel een GTX 1080 Ti of RTX 2080 nodig.




Middle Earth: Shadow of War



Shadow of Mordor maakt plaats voor Shadow of War in onze suite, al zeg ik wel dat het de moeite is om de eerste game er voor een paar euri bij te kopen als je hem nog niet hebt. De Assassin’s Creed stijl game in de wereld van Lord of the Rings combineert strategie met vooral veel vecht scenes, en met de character ontwikkeling, aardige verhaallijn en goede sfeer een leuk game om wat uurtjes in door te brengen. De completionist in mij heeft wat moeite met de tig dingen die je kan doen en het feit dat het verhaal af en toe wat rekt, maar als je niet te gehaast bent zit er simpelweg tientallen uren aan fun in. In de framerates zijn beide games best onrustig; meestal is een 60 fps gemiddelde voldoende om een soepele ervaring te bieden, maar een beetje hoger inzetten kan geen kwaad voor de drukste momenten.




Far Cry 5



Far Cry Primal maakt plaats voor Far Cry 5, waarin Far Cry een beetje naar de roots terugkeerd in gameplay met meer guns en minder melee wapens als in Primal, maar het is en blijft een echte, herkenbare Far Cry 5 game. Goed verhaal, lekkere gameplay, genoeg humor en hoewel de co-op ervaring een teleurstelling was vanwege de slechte co-op mechanics is ook dit een game die je wel gespeelt zou moeten hebben. Ook hier is 60 FPS een prima uitgangspunt voor een soepele ervaring door het hele verhaal heen.




Strange Brigade



Strange Brigade is een heerlijke nieuwe co-op shooter waar ik eigenlijk weinig vanaf wist, maar ons de laatste dagen (totdat RTX uit kwam en we volop in test modus gingen) het nodige plezier bracht. Lichte humor, hordes zombies, wat puzzelwerk met een Indiana Jones achtige stijl, en vooral heel veel knallen. Verwacht niet te veel diepgang, maar een avondje knallen met je vrienden weet deze moderne, vriendelijkere take op het Left 4 Dead en Vermintide concept toch goed te brengen.

Technisch een interessante bench omdat deze game zowel Vulkan als DX12 API opties biedt, die we dan ook naast elkaar zetten met één (high) setting:




Grid Autosport



Eigenlijk zou deze game in een 2018 test lijstje niet thuis horen, maar kennelijk doet auto’s iets met gamers waardoor ze die ook in games willen zien. Voor high-end kaarten zoals de RTX units eigenlijk geen geschikte graadmeter, ook niet op 4K Ultra settings, maar het is wel een benchmark die wat mindere goden de kans geeft om hun relatieve krachten te laten zien; niet iedereen koopt louter high-end kaarten.




Final Fantasy XV



Final Fantasy XV daarentegen is wel een mooie benchmark voor high-end kaarten om wat spierballen te tonen. We testen hier enkel 1080p en 4K, maar de 4K ‘high’ preset (daar zit standaard niets boven) is een mooi stukje eye candy waar ook de duurste kaarten nog niet de limieten van de CPU weten te vinden. Over de gameplay kan ik weinig kwijt, want de game zelf hebben we nog niet gespeeld.



Prestaties


We richten ons hier nu specifiek op de prestaties van de Gigabyte kaarte ten opzichte van specs en eventuele concurrenten, niet ten opzichte van andere chipsets.

Opvallend is dat ook de Gigabyte direct uit de doos een stevige fabrieksoverclock neer weet te zetten. Hij stuitert tussen 1935MHz en 1950MHz, gemiddeld klokken we hem op 1940MHz in de stress test, wat veel sneller is dan de specs doen vermoeden. Nu is dat iets wat bij Pascal ook best gebruikelijk was, maar gezien we vooalsnog af lijken te stevenen op ca 2050-2100 als de max die uit deze chips komt onder normale omstandigheden is 1940 Mhz best netjes. In tegenstelling tot de ROG kaarten klokt Gigabyte de geheugenchips wel wat hoger, maar de impact daarvan lijkt beperkt. We zien dat de Asus gemiddeld 2% sneller is dan de Gigabyte wat praktisch geheel overeenkomt met het verschil in core clock. Aan de andere kant staat die 2% niet in verhouding tot het 13% verschil in pre-order prijzen.




We zien dat de Gigabyte nipt meer gebruikt onder load dan de Asus tegenhanger. Het is echter niet duidelijk te stellen of dat door de aangepaste PCB designs komt of simpelweg door de silicon lottery, dus al te veel gewicht hangen we er niet aan en we houden het bij een eenvoudige opmerking. Zoals vermeld zal gezien deze grafiek een degelijke 550 Watt PSU voor een stevige RTX 2080 build voldoen, met 650 Watt als een mooi uitgangspunt voor RTX 2080 Ti builds.


Waar je bij goedkopere uitvoeringen normaliter op in levert is de efficiëntie van de koeloplossing, maar als we kijken wat Gigabyte met hun Gaming OC kaart voor een prestatie neer weet te zetten moeten we toch erg positief zijn. 62 C is in absolute termen een fantastische temperatuur voor een dergelijk krachige GPU en de bijbehorende geluidsproductie van 36,9 dBA op 50 centimeter afstand is praktisch niets. Dit kunnen we gewoon een fluisterstille GPU noemen. En het is ook niet zo dat ze de VRMs of het geheugen ongekoeld laten, want die vallen allemaal tegen de koelconstructie aan. Kortom: good stuff.

De dikkere ROG uitvoering mag dan wel iets efficiënter zijn als we ze beide op 40 dBA afstellen, en ik ben zeker benieuwd hoe deze Gaming OC koeler met een RTX 2080 Ti zal verhouden, maar voor de RTX 2080 moeten we ons serieus afvragen of je wel extra moet investeren in een luxere koeler. Dit is tenslotte al erg koel, erg stil, en die paar procent kan je nog wel bijtikken zonder significante gevolgen voor de temps en het geluid.

Overclocken gaan we nog op terugkomen zodra we wat meer Turing chips onder handen hebben genomen. Wel merken we vast op dat de voltages niet aan te passen zijn, wat de meerwaarde van extra dikke koelers weer onder druk ze toverigens, dat de prestaties met een verhoging van de power limiet iets toenemen, en dat snelheden tussen de 2050-2100 nu een uitgangspunt lijken. Zodra we meer samples hebben getest en meer over Nvidia scanner weten komen we daar in een los stukje op terug.



Conclusie


Ik moet toegeven een beetje verbaasd te zijn dat met de komst van een compleet nieuwe high-end GeForce line-up Gigabyte ervoor kiest om op hun Gigabyte merknaam in te zetten en niet de Aorus sub-brand waar ze de laatste maanden zo keihard op hameren; de RTX 2080 is in vergelijking met de GTX 1080 Ti Aorus Xtreme opvallend ingetogen. Met drie fans, backplate en een zwart-grijze kleurstelling is het echter wel een kaart die praktisch goed te combineren is met tal van moederborden, groot genoeg is om in ATX torens indruk te maken, en niet te groot is waardoor hij in menig SFF case ook nog prima in te zetten is; helemaal geen gekke combinatie wat de nodige gamers zonder twijfel ook aan zal weten te spreken.

Nog belangrijker: de prestaties zijn gewoon uitstekend. De overclock uit de fabriek is fors, en hoewel we in de ROG variant iets meer snelheid zien staan die 2% extra frames niet in verhouding tot de ca 13% extra euri’s, al houden we een slag om de arm wat exacte prijzen betreft. Sure, van een echte secundaire featureset is hier geen sprake, met uitzondering van stilstaande ventilatoren, maar laten we eerlijk zijn: wat wil je nu echt van een GPU anders dan gewoon knallen in games? Wel cruciaal is dat wanneer we naar de absolute waardes op gebied van temps, geluidsproductie en resulterende efficiëntie kijken we echt heel erg tevreden moeten zijn met wat Gigabyte hier neer zet. 62 graden en sub 37 decibel onder volle belasting? Dat is niets minder dan uitstekend ongeacht wat andere kaarten doen.

Met een dergelijk goede score voert Gigabyte stevige druk op alle RTX 2080 opties die meer kosten dan deze. Aan de andere kant zullen we moeten zien of er nog goedkopere modellen zijn die zoals hier feitelijk geen concessies doen wat de temps en geluidsproductie betreft. Eén troef lijkt vooralsnog alleen Gigabyte in handen te hebben, en dat is het extra (vierde) jaar garantie mits je dit product bij hen registreert binnen 30 dagen na aanschaf. Mocht een concurrent al in de buurt komen van deze efficiëntie en iets goedkoper zijn, dan kan ik mij voorstellen dat bij producten met een dergelijk forse aanschafswaarde dat extra garantie toch een verdomd tastbaar voordeel is en relevanter dan wellicht nog een paar tientjes uitsparen. Bij de GTX 1080 Ti bleek dat argument regelmatig de doorslag te geven bij mensen die ons om advies vroegen, dus het verbaasd mij dat andere merken er ook niet op in zijn gehaakt.

De ROG kaart mag ons dan weliswaar iets meer overtuigen met zijn extreme looks en ‘ultiem’ gevoel, waarbij we ook nog opmerken dat Gigabyte nog wel wat werk aan de winkel heeft wat hun RGB synchronisatie software betreft, maar als we onze aandacht de komende weken richten op het testen van nog meer RTX kaarten is het toch de uitstekende prijs-prestatieverhouding van deze m.i. meer redelijke RTX 2080 implementatie waar de meeste modellen zich aan mogen gaan meten.

Vragen over onze reviews of de producten die we bespreken? Kom dan gezellig met ons kletsen op onze Discord server (gratis en geen installatie noodzakelijk). Een reactie mag natuurlijk altijd, of pest Ome Foritain (auteur, test-chef) of Tante Nadalina (baas, foto-heldin) op Twitter. Vergeet je ook niet te abonneren op ons YouTube kanaal!



Enkele hogere res fotos voor de liefhebber, klikken voor de volledige versie:

Over Stephan
Stephan en Nada kennen elkaar dankzij online gaming en een liefde voor toffe tech. Tegenwoordig houden zij elkaar bezig met maken van reviews van computer hardware. Hun doel: Uitgebreide reviews die je een realistisch beeld geven van wat je van het product mag verwachten.